Rekoefeningen


Uit recent wetenschappelijk onderzoek is niet gebleken dat het doen van rekoefeningen de kans op blessures vermindert, maar wel dat het bijdraagt aan het onderhouden van de lenigheid. Sommige schaatsers hebben rekoefeningen toch nog als vast onderdeel van hun warming up of cooling down ingebouwd, zodat ze kunnen voelen hoe de spieren ‘er voor staan’. Tijdens de cooling down worden rekoefeningen voornamelijk gedaan om ‘de spierspanning weg te nemen’. Rekoefeningen worden meestal gedaan door duurschaatsers die lang schaatsen en grote afstanden afleggen, kortebaanschaatsers en wedstrijdschaatsers willen hun spieren vaak juist ‘kort’ houden om explosieve kracht te kunnen leveren. Rekken heeft voor hen dan ook weinig nut. De juiste volgorde voor het uitvoeren van rekoefeningen is altijd: eerst inlopen en daarna de rekoefeningen doen. Voor de cooling down: eerst uitschaatsen, dan rekoefeningen. Bij rekoefeningen gelden enkele belangrijke regels:

  • Neem de juiste uitgangshouding aan.
  • Ga in de aangegeven uitgangshouding zover door tot je een lichte spanning voelt.
  • Houd deze spanning 5 tot 10 tellen vast.
  • Rekken mag nooit pijn doen. Stop in dit geval onmiddellijk met rekken.
De oefeningen kunnen per spiergroep drie keer herhaald worden, zowel links als rechts.
Rekoefeningen kunnen gedaan worden voor verschillende spiergroepen. Spiergroepen van het been die tijdens het schaatsen zwaar belast worden zijn:
  • oppervlakkige kuitspieren
  • diepe kuitspieren
  • spieren binnenzijde bovenbeen
  • spieren buitenzijde bovenbeen
  • spieren voorzijde bovenbeen
  • spieren achterzijde bovenbeen



Consument en Veiligheid heeft bij de samenstelling van deze inhoud samengewerkt met een aantal sportbonden en partners. Klik hier voor een overzicht van de sportbonden en partners.