Koude en onderkoeling

Er kan sprake zijn van algehele onderkoeling, lokale bevriezing bij (extreem) koude omstandigheden, zoals bij vorst, wind en neerslag al of niet in combinatie. Ook moet er rekening gehouden worden met overbelasting van gewrichten en pezen bij relatief koude omstandigheden. Met name de pezen aan de voorzijde van de knie zijn gevoeliger voor overbelasting bij meer extreem natte, vochtige omstandigheden. En als laatste moet er uiteraard rekening gehouden worden met een grotere kans op val en slippartijen bij natte omstandigheden al of niet met vorst.

De belangrijkste maatregel om koude en onderkoeling te voorkomen is uiteraard de juiste kledingkeuze voor de omstandigheden. Als vuistregel behoort onderkleding goed vocht door te laten (‘te ademen’), tussenkleding dient goed lucht vast te houden (‘te isoleren’) en bovenkleding dient met name wind of vochtwerend (‘beschermend’) te zijn. Ook bij snel wisselende omstandigheden zoals bijvoorbeeld in de bergen, kan met behulp van lichtgewicht windwerende jasjes, armstukken en/of beenstukken vaak snel een goede aanpassing worden bewerkstelligd. Dit is uiteraard alleen het geval indien je je goed op je fietstocht hebt voorbereid en je weet met welke (weers)omstandigheden je rekening dient te houden.

Tip:

  • Neem voor afdalingen of voor slecht weer altijd een makkelijk opvouwbaar jasje (wind- of regenjack) mee. Dit houdt je warm op de momenten dat je het gemakkelijk koud kunt krijgen.



Consument en Veiligheid heeft bij de samenstelling van deze inhoud samengewerkt met een aantal sportbonden en partners. Klik hier voor een overzicht van de sportbonden en partners.